Vanochtend was het weer vroeg dag… Gisteren leek het dan wel even feest met aankomst in Santiago en het slingeren van het wierookvat. Maar vandaag moest er weer gelopen worden: op naar Finesterra… Het einde van de wereld.
We hebben zo in de loop van de weken een ritme opgebouwd. Ik regel de albergues en Melanie kijkt waar we de volgende ochtend een lekker ontbijtje met koffie kunnen scoren. En dat valt meestal niet tegen. Zeker in de grote steden zijn vaak prima tentjes al vroeg open. Heerlijke cappuccino en een schaaltje yoghurt met veel fruit, granola en andere zooi. Heerlijk! Zo ook vanochtend in het nog stille Santiago. Een smal steegje, je zou er zo voorbij lopen. Maar ze had weer een pareltje gevonden hoor. Dat gaat ik thuis wel missen.

Maar na dat ontbijtje was het lopen voor ons. Het was prachtig weer, zonnig, droog en nog lekker fris. Al gauw waren we de stad uit een liepen we weer in het bos. Heuveltje op, nog één blik achterom wat we de torens van de kathedraal scherp afgetekend dagen tegen de heldere lucht.

Daarna was het lekker doorlopen, wat hoogtemeters meepakken en genieten. Aan het gemoed merkten we allebei dat we het jammer vonden om Santiago te verlaten. We zaten er niet echt in en waren blij toen we er waren. ’s Middags rustig aan gedaan, wasje gedraaid, boodschappen gedaan en verder niet veel. Morgen weer een dag.



