Abdij van Saint-Sever

Het zijn van die laatste dagen richting een (tussen-) eindpunt dat het allemaal wat doorbijten is. De route is nou niet echt uitdagend. De pelgrimshuisjes zijn prima maar lijken uiteindelijk allemaal op elkaar. En ja, als dan een nieuwe fase nadert maar nog even op zich laat wachten dan is het doorbijten.

Op de laatste paar honderd meter na was het weer een nagenoeg vlakke etappe tussen de maïsvelden door. Wat wel leuk was, we kwamen en jonge pelgrim tegen uit België. Die gast was dus nu op de terugweg vanuit Santiago! Vanaf september vorig jaar al onderweg. Dan doe je er natuurlijk wel heel lang over, loop je niet echt door maar toch… Respect!

En vandaag slapen we in Saint-Sever. Een klein dorpje op de top van een heuvel en ‘bekend’ om een eeuwenoude kerk/abdij die ook op de UNESCO lijst staat. En het was zeker het bezichtigen waard hoor. Er was ook een speciaal hoekje voor pelgrims ingericht. 

Aftellen…

Vandaag hebben we een grote stap, of moet ik zeggen veel stappen, gezet naar St-Jean-Pied-de-Port. Dit kleine dorpje is het eindpunt van de Via Lemovicensis die in Vezelay is begonnen. Een route van zo’n 950 kilometer die ons van midden Frankrijk naar het uiterste zuidwesten van Frankrijk brengt. Nou ja, brengt, we moeten het zelf lopen. Maar goed, het einde van dit stuk is in zicht. De verwachting is dat we met ongeveer zes stapdagen daar aankomen. 

De route van vandaag was ook nu weer behoorlijk vlak. Toen we Roquefort uit waren hadden we lekkere wandelpaden in het bos. Goed begaanbaar en heerlijk rustig.

Onze eerste pauze was in een klein dorpje, meer een paar huizen, met een oude kerk. Bij de kerk was een pelgrimshuiskamertje ingericht. Erg leuk!

Het tweede gedeelte was vooral over asfaltwegen met auto’s. Niet zo leuk, maar het hoort er af en toe bij. 

Na de tweede pauze was het weer één lang recht fietspad van bijna 10 kilometer lang zo de stad Mont-de-Marsan in. We konden de sleutel in een winkel ophalen en we zijn vanavond met z’n tweetjes in een ruim pelgrimshuis. Lekker uitrusten van ruim 30 kilometer. 

Over de route en de omgeving van vandaag kunnen we eigenlijk kort zijn: vergelijkbaar met gisteren. Een vlak landschap met kilometers lange kaarsrechte paden. Door bos en wat meer open vlaktes. Weinig spannends en ook weinig inspannends ook. Die ruim 26 kilometer gingen vrij snel, mede door een lekker lang telefoongesprek met Melanie. Fijn om contact met thuis te houden. 

Vanavond slapen we weer bij een Réfuge van de ‘Amis de Vezelay’, de Vrienden van Vezelay. Deze organisatie heeft tussen Vezelay en Saint-Jean-Pied-de-Port op veel plekken een pelgrimshuis die bemenst worden door vrijwilligers (hospitalero’s) Soms is dat iemand alleen en soms een echtpaar. Zij zijn er dan een paar weken om pelgrims te ontvangen, te koken en zorgen voor een schoon huis. Geweldig dat deze vrijwilligers dit doet, want anders zou de pelgrimage in Frankrijk en stuk lastiger en duurder zijn. 

Vanmiddag zijn we ontvangen door twee dames. Een fijne ontvangst en op het menu een salade vooraf en daarna Ratatouille. Altijd lekker, zeker na de zoveelste keer linzen. Blijkbaar een populaire peulvrucht in Frankrijk. 

Blik op oneindig…

Ons ontbijtje stond vanochtend om half acht klaar. De tassen waren al ingepakt dus om acht uur konden we weg. Onze gastheer vroeg nog of we geen last hadden gehad van het vuurwerk gisteravond. Vuurwerk? Uurtje of elf? Helemaal niets van gehoord. Dat is een goed teken zullen we maar zeggen.

Maar goed, om kwart over acht had hij ons bij de kathedraal van Bazas afgezet en vertrokken we voor een wat langere etappe die niet heel veel richtingsgevoel nodig had. Een lang, lang, heel lang recht fietspad, voorheen treinspoor, lag voor ons.

Dus vandaag geen spectaculaire vergezichten, hoge beklimmingen of steile afdalingen, maar blik op oneindig en gaan… 26 kilometer lang. De enige onderbrekingen waren de bankjes en één keer een dorpje voor wat kleine inkopen. Waar je dan wel tijd voor hebt? Lekker en beetje lopen kletsen, echt buitenadem raak je niet van dit lange vlakke parcours, en in je hoofd zitten filosoferen over wat podcasts die je luistert. Kortom, toch een nuttige etappe.

En nog een voordeel van zo’n kaarsrechte etappe naar het zuiden… Iedere stap brengt je ook echt dichter bij het einddoel. Geen omwegen, geen onnodige energie. Dat is ook best wel eens lekker. Ons eindstation is dit maal Le Billon, net onder Captieux. Een huisje waar we lekker met z’n tweetjes zijn… Met gezelschap van de hond. Dat dan wel.

Een gewone dag met een mooi einde…

Voor wat betreft het lopen kunnen we vandaag best kort zijn, het was een prima loopdag. 23 kilometers op de teller, beetje klimmen, beetje dalen. Wat bospad en wat asfalt. Dat het niet heel spectaculair was bleek ook wel uit het aantal foto’s onderweg, niet zoveel. Wennen we er aan of is het hier even echt niet zo spectaculair? Wat nog wel het vermelden waard is, is dat we halverwege een lift aangeboden kregen van een vrouw. ‘Dat is toch veel sneller…’ We hebben vriendelijk bedankt.

De route bracht ons vandaag naar Bazas. Ik wist niet dat deze stad ook een kathedraal had, de Saint-Jean-Baptiste de Bazas. Een UNESCO erfgoed. Best een grote kathedraal voor een stadje van 5000 inwoners.

En bij de kathedraal hadden we afgesproken met iemand waar we konden overnachten. We werden daar opgepikt. Ik had hem gisteren even door de telefoon gesproken, maar het blijft altijd een verrassing. Ditmaal, en eigenlijk zoals bijna altijd, en zeer positieve. Een wat oudere man, die verrassend goed Engels spreekt, leuke verhaaltjes en mooi huis. Een heerlijk bed en een heerlijke maaltijd. Als pelgrim wordt je echt in de watten gelegd (soms 😃).

Vroeg uit de veren

Het zou warm worden vandaag in het zuiden van Frankrijk dus we zijn vroeg gaan lopen. Om vijf uur de wekker en om zes uur liepen we de ochtendschemering in. Een bijzondere ervaring voor ons want zo vroeg waren we nog niet eerder gaan lopen. Over de heuvels lag nog een laag mist en de zon begon net zijn oranje gloed boven de horizon te verstrooien,,,

Het was de voorbode van de beloofde warmte. Met de zon steeg ook de temperatuur en al snel was de mist en de dauw verdwenen om plaats te maken voor trillend asfalt en zoemende vliegjes om ons hoofd.

Het leuke van zo’n lange periode door verschillende landen en landstreken lopen is dat je de begroeiing en de akkers langzaam ziet veranderen. Toen we in april uit Sassenheim vertrokken stonden de bollenvelden in volle bloei. Daarna hebben we het koolzaad in België en noord Frankrijk zien bloeien en ook uitbloeien. De graanvelden van piepkleine plantjes naar wuivende, goudgele velden. De druiven in de Champagne-streek nog klein, naar nu in de Bordeaux vol en de trosjes er al aan. En vandaag kwam daar nog wat bij… We hadden al velden vol zien staan maar nog groen en niet in bloei. En vandaag… De eerste zonnebloemen! Nog geen volledig gele velden maar toch…

Om een uur of twee kwamen we aan bij de kerk in Pondaurat. Een zeer oude kerk, type betonblok, waar ze de pastorie hebben omgebouwd tot pelgrimsherberg. Ruimte voor zes pelgrims, volledig ingerichte keuken, wasmachine, noem maar op. Weer een bijzonder plekje waar we met z’n tweetjes kunnen uitrusten. En voordeel van die oude degelijke gebouwen: ze worden niet snel warm.

O ja, en na onze oproep van eergisteren… ‘stuur ons ijs’ hebben we reacties gekregen. Onderstaande foto is mede mogelijk gemaakt door Alex en Angelique 🙏

Frankrijk is groot, maar de pelgrimswereld is klein…

Vanochtend ging de wekker vroeg… duidelijk geen vakantie. Het wordt vandaag een hete 30+ dag dus we willen om half zeven lopen. Dat is gelukt, onze gastvrouw Florence had om zes uur het ontbijt al klaar staan. Wat een heerlijk huis, en vooral tuin, heeft zij daar. Een punk-tuin noemde ze het zelf. Geen aangeharkte plantsoentjes, maar een tuin met van alles en nog wat. Waar gekweekt en geëxperimenteerd wordt. Geitjes, kippen en de hond ‘M’. Een heerlijk plekje.

M

In de ochtend was het nog heerlijk koel. De zon stond nog betrekkelijk laag en scheen mooi over de wijngaarden. Onze schaduwen waren meters lang maar dat ging snel veranderen… De zon staat hier in de middag bijna loodrecht op je hoed.

Na een kilometer of tien konden we wat boodschappen doen en bij de tweede pauze zaten we heerlijk onder een boom bij een zeer oude, bijzondere kerk in Saint-Ferme. Eigenlijk een groot betonblok, ook van binnen. Zelfs de preekstoel was van beton.

En als je vroeg vertrekt dan kom je ook vroeg aan. Dus om twee uur waren we na zo’n 25 kilometer op plaats van bestemming. Onze gastvrouw Rose was er nog niet, maar wel een andere gast, een pelgrim. Hij stelde zich voor als Alfons en toen viel er bij ons een kwartje. Dé Alfons waar we onze Franse vrienden laatst over hadden horen spreken. Zo hoor je dus verhalen, wordt er eigenlijk gewoon over je gekletst, op de Camino. Je kent mensen niet persoonlijk maar hebt al van verschillende andere pelgrims eea gehoord. Zo hadden we gehoord dat hij alleen maar Duits sprak, hilariteit alom onder de Fransen natuurrijk. Maar met wat Duits is het een ontzettend aardige vent. En zo blijkt die talen-krater van mij toch nog een klein knobbeltje te zijn. Overigens… ook over ons wordt er af en toe gekletst hoor… ‘Ahhh jullie zijn die vader en zoon…’

En nog even over die talenkrater… bij het avondeten zaten er dus met Rose (spreekt alleen Frans), Alfons (spreekt alleen Duits), Raymond (spreekt Nederlands, Engels en een beetje Duits) en ik. Dus wie zat er de hele tijd te tolken tussen iedereen? Juist! Ik, moi, ich… Dat is trouwens wel relaxed hoor, want je kan iedereen alles wijs maken. Ik weet nu al wat ik ga doen na de Camino 😃

Zoals gezegd… Frankrijk is groot, maar het pelgrimwereldje is maar klein. En dan komen we hier nog maar weinig pelgrims tegen… Straks in Spanje zijn de roddelbladen er niks bij.

O ja, nog één positief dingetje om mee af te sluiten: ons onderkomen heeft dus gewoon een zwembad in de tuin. Dus waar waren deze twee pelgrims na 25 hete kilometers te vinden…

Na regen komt zonneschijn…

Daar waar we gisteren met regen en onweer wakker werden, zo werden we vandaag wakker van de wekker. Het was heerlijk weer. Zonnetje, nog een beetje heiig maar dat zou snel wegtrekken en nog een lekkere temperatuur. Die zou snel gaan oplopen als opmaat voor twee hete 30+ dagen.

Na een lekker ontbijtje met, je raadt het al, baguette, vertrokken we voor een korte maar best mooie etappe.

De weg bracht ons eerst via de wijnvelden over de rivier de Dordogne.

Na de oversteek van de rivier was het helemaal alleen maar wijnvelden die je zag. Heel veel wijnvelden en het bijhorende Chateau. Overigens hoef je je van dat chateau niet altijd heel veel voor te stellen hoor. Het torentje staat er nog, maar verder is het vaak nogal vervallen.

Na 20 kilometer kwamen we aan bij ons nieuwe onderkomen. Een leuk huis met grote groentetuin er omheen. We werden, zoals altijd eigenlijk, heel vriendelijk ontvangen. Kleine rondleiding, wat dingetjes over onze reis, douchen en daarna lekker rust.

Morgen een hete dag dus voor het eerst dat we echt vroeg willen vertrekken om in koelte de meeste kilometers te maken. Stuur ons ijs!

These men are made for walking…

En dat doen ze dus ook maar… Lopen. Stap voor stap… Kilometer voor kilometer… Stad na stad.

En zo hebben we vandaag dus ook weer 30 kilometer weggetikt. Maar dat ging niet helemaal vanzelf. De weersverwachting gaf namelijk regen, veel regen aan. Dus regenpakken aan, verstand op nul en lopen. Dorpje uit, bossen in. Gelukkig is de grond hier nog kalkrijk waardoor de grond geen grote modderpoel wordt maar redelijk begaanbaar blijft.

Onze eerste stop hadden we in een klein vervallen schuurtje waar de deur toevallig van open stond. We stonden in ieder geval droog. Onze tweede stop was in een dorpje dat wel heel vriendelijk voor pelgrims was. Een mooi overdekt bankje… Heerlijk. Het was toen wel al droog geworden… Gelukkig.

Na deze tussenstop kon alle regenkleding weg en konden we langzaam gaan genieten van een nog twijfelend zonnetje en van de eerste wijnvelden van de Bordeaux.

Dus een pittige wandeling vandaag maar die verteren we wel weer. De komende dagen zijn de verwachtingen: heet.

Donder en bliksem

Als twee kasteelheren hebben we geslapen vannacht. Heerlijk rustig, geen geesten of andere spookverhalen, gewoon… Slapen. Het ontbijt hadden we met z’n tweetjes in de keuken en om een uur of negen liepen we weer.

Het was (nog) droog en eigenlijk heerlijk wandelweer. Wat warm, maar niet te… Wel wat hellingen maar niet te stijl en lang.

De kilometers gingen lekker onder onze schoenen door… Tot even na het middaguur, het begon te betrekken en in de verte, heel in de verte, hoorden we wat gerommel. Niet veel, dus we liepen rustig verder. Toen de eerste druppels vielen deden we de regenhoes om onze rugzak en toch maar ‘alvast’ onze regenjas aan. Dat was geen moment te vroeg want ineens kwam het met bakken uit de hemel en knalde het onweer over de bossen waar we liepen. Gelukkig trok een onweer gauw over maar de regen hield nog even aan. Toen ook die weg was kon de regenjas weer uit en lieten we de laatste kilometers langs de rivier L’Isle naar ons adres voor de nacht. Geen kasteel dit keer, maar ook hier zullen we als een prins slapen. Dromend over de regendag en de lange etappe van morgen…

De koning te rijk…

Je maakt wat mee in al die maanden onderweg. Zoals ik wel vaker hier heb geschreven is het altijd weer een verrassing waar we slapen. Soms is dat een zeer eenvoudige kamer en soms is het gewoon een paleis…

Maar eerst moet er natuurlijk gewandeld worden. En zoals de slaapplaats aan verandering onderhevig is, is het weer dat ook. Dus waar we over het algemeen eigenlijk heel erg droog weer hebben gehad was het vandaag regenachtig. En er was veel regen voorspeld, dus we waren op het ergste voorbereid. Het bleef echter redelijk droog en kijkend op de Franse Buienradar zaten de ergste buien net waar wij niet liepen. Dat was geluk… Tot in de middag… Precies op een plek waar we niet konden schuilen… Kwsm er toch een bui naar beneden… Het was ook de laatste van de dag, daarna brak de zon heerlijk door en kon alles drogen.

De route was best ok, het duurde wel een paar kilometer voordat we de stad uit waren, maar toen was het ook lekker de bossen in en wat klimmen en dalen. De lichte regen die er viel werd door de bomen opgevangen.

Daarna werd het vlakker en liepen er langs een lang recht kanaal. Daar begon het dus ook zo hard te regenen. Het rook daarna wel heerlijk naar munt die hier veel in de berm groeit.

En toen door naar ons overnachtingsadres. Dit keer dus geen eenvoudig pelgrimshuisjes, maar een heus kasteel. Hoe leuk is dat? Blijkbaar werden pelgrims in het verleden ook op koninklijke wijze ontvangen. We maken er dankbaar gebruik van.

Dat Frans of… Die Fransen

We lopen inmiddels anderhalve maand door Frankrijk. Samen met een paar dagen in Wallonië is dat best een poos in Franstalig gebied. Wat zijn onze ervaringen met het Frans en de Fransen?

Allereerst het Frans, de Franse taal. Ik heb sinds we wisten dat we naar Santiago gingen, dus bijna drie jaar lang, bijna dagelijks via Duolingo Frans geleerd. Melanie werd er soms helemaal gek van als ik thuis weer wat Frans liep te brabbelen. Het heeft ons zeker geholpen om gemakkelijker zaken te regelen. Slaapplek, eten, pakjes versturen, de dagelijkse en praktische zaken. Maar ook wat kleine gesprekjes lukt prima. Ik heb al enkele keren te horen gekregen dat ik goed Frans praat. #trots

Maar het luisteren blijft lastig, zeker als het gesprek niet met mij persoonlijk wordt gevoerd maar in een grotere groep met meer Fransen. Dan haak ik volledig af.

Dat brengt me ook bij het tweede deel… De Fransen. We hebben een paar keer met Nederlanders en Fransen in een door Nederlanders gerund pelgrimshuis gezeten en de voertaal was daar altijd een mengelmoes van Engels en Frans. We probeerden iedereen bij het gesprek te betrekken. Dat is duidelijk niet het geval als wij als enige Nederlanders aan tafel zitten. Voertaal Frans en met een beetje geluk vertaalt iemand wat naar het Engels. Het Engels onder de Fransen is over het algemeen ook beroerd. Vandaag in het postkantoor, meisje van een jaar of twintig, spreekt geen woord Engels. Hoe dan? Is het de instelling of kunnen ze het echt niet? Ik heb in ieder geval wel veel geleerd en mijn dagelijkse oefeningen op Duolingo zijn niet voor niks geweest. Volgend jaar naar Zweden… Benieuwd of Melanie mijn Zweeds wel kan gaan waarderen…

Dan onze wandeling vandaag: die was, na overnachting in een pelgrimshuis met vijf Fransen 😃, heerlijk. Het was niet zo heet, bewolkt, het heeft zelfs even geregend, en we zijn in bijna 24 km geen dorp tegengekomen. Alleen… Maar… Bos.

De route eindige in Perigueux, en rederijk stadje in Frankrijk. Hier kon ik ook eindelijk mijn oude schoenen samen met wat andere spullen naar huis sturen. Weer wat lichter lopen. Er was ook ook nog een mooie kerk, Eglise Saint Martin 😃 Dus wat doe je daar? Juist! Een kaarsje opsteken voor je vader Martien 🤗

En nog één ding, belangrijk of niet, maar we zijn over de helft: 1393 km gelopen en nog 1388 km te gaan 💪

Vaderdag

Hoe bijzonder wil je Vaderdag vieren? Met je zoon al ruim twee maanden onderweg naar Santiago, je dochter op grote afstand, net als je eigen vader. Gelukkig zijn er voor die grote afstand voldoende mogelijkheden om toch even met elkaar te praten. Fijne Vaderdag voor iedereen, ook voor de vaders ‘in herinnering’.

Voor wat betreft het wandelen was het een dag als alle anderen. Opstaan, ontbijt, tas inpakken, lopen en bij de volgende slaapplaats inchecken. Het ritme van de pelgrim en dat we al wat weken aanhouden.

Onderweg kwamen we ook nog wat ‘knippers’ tegen. Een groep vrijwilligers die de wandelpaden vrij houden van te hoge begroeiing, vooral bramen en brandnetels. Ook hier inderdaad aan een opmars bezig. Deze mensen doen voor ons belangrijk werk dus blij dat ik ze een keer heb kunnen bedanken. Want zonder hen is het toch moeilijker lopen.

Langzaam worden de beklimmingen wat korter en minder hoog en ook de begroeiing wordt wat anders, wat minder dicht. Ook met weer wat meer graanakkers.

Het pelgrimshuis is er weer één van ‘De Vrienden van Vezelay’. Een organisatie die op vaak op donativo-basis onderdak en eten aanbiedt op de route naar het zuiden. Fijn dat ze er zijn, want met alleen B&B’s zou het een dure reis worden. We zitten hier met vijf pelgrims en twee gastouders. Op ons na allemaal Fransen. Hoewel een enkele probeert wat Engels te praten is de voertaal Frans. En dat is voor een buitenstaander lastig te volgen. Jammer dat ze daar niet wat rekening mee houden. Maar goed, weer een mooie wandeldag gehad.

We zoeken het wel uit…

Gisteravond in de B&B en heerlijk rustig avondje gehad. Lekker wat zitten Sudoku spelen en om even na zeven heerlijk gegeten…

Het zou vandaag heet worden, rond de dertig graden, dus wat doen wij dan? Juist, dan plannen wij een lekkere lange etappe. Dus ruim 28km verder zou ons volgende slaapadres zijn. Onze Nederlandse gastheer bracht ons al vroeg, half acht, naar ons startpunt. Het was toen nog best lekker en we doken meteen te bossen in. Maar die relatieve koelte bleef niet. In de middag werden onze schaduwen weer korter en korter en was het voor deze pelgrims weer veel drinken en puffen. De omgeving is wel wat aan het veranderen, alweer. De heuvels worden weer wat minder hoog en minder steil. Dus dat vonden weer vandaag helemaal niet erg.

Ons pelgrimshuisje moeten we dit keer delen met twee Franse pelgrims. Dat zal de komende tijd steeds meer gaan gebeuren denk ik. We komen meer in de buurt van andere routes en de vakanties breken langzaam aan. We zijn vanochtend de Dordogne ingelopen, dus het aantal Nederlandse nummerborden zal de komende tijd stijgen…

Twee maanden onderweg

Raymond:

Vandaag is het 2 maanden geleden dat we vertrokken en zitten we bijna op de helft van onze reis. De dagen zijn nu helemaal routine geworden en ik kan heerlijk genieten van het wandelen en de omgeving om me heen. Tijdens het wandelen heb ik veel tijd om na te denken.
Een van de dingen waar ik veel over heb nagedacht is waarom ik dit ben gaan lopen. Nu we 2 maanden onderweg zijn begin ik daar wat meer een antwoord op te vinden.

Toen ik nog thuis was ging het steeds minder goed, Ik ging al een tijdje niet meer naar school en zat veel thuis. Ik wilde graag een nieuwe opleiding gaan doen maar ik was bang dat het weer niet zou lukken en dat ik zou stoppen.

Door de Camino gaat het nu beter en begint er steeds meer een plan in mijn hoofd te komen met dingen die ik wil doen als ik weer thuis ben. Dat er nu wel een plan in mijn hoofd komt waar ik vertrouwen in heb dat het gaat lukken heeft denk ik te maken met de omgeving waar ik nu in zit. Hier op dit moment hoef ik alleen maar bezig te zijn met wandelen en zit ik niet thuis waar ik veel nadacht over waarom het bij mij elke keer niet lukt. Ik heb veel leuke plannen die ik wil uitvoeren als ik thuis ben en het belangrijkste, dat ik weer het vertrouwen heb dat het ook gaat lukken.

Maarten:

En zo zit ook de tweede maand lopen erop. Mijn dagboek teruglezend is er best veel gebeurd. We hebben veel gelogeerd bij Nederlanders die een pelgrimshuis in Frankrijk hebben. Dat heeft toch iets van vertrouwdheid en je hebt eens een ander praatje. 

Daarnaast hebben we het noorden van Frankrijk achter ons gelaten en zijn dieper en dieper dit grote land ingegaan. We hebben het landschap zien veranderen van omgeploegde akkers, wijngaarden in de Champagne en lange rechte wegen naar het groene en heuvelachtige landschap met kronkelende wegen van midden Frankrijk. We hebben historie op de route gezien, in Névers bij Bernadette maar nog heel veel meer in Vezelay. Al meer dan 1000 jaar komen daar mensen samen om te vertrekken naar Santiago. 

En zo zijn we nu twee maanden onderweg en zijn we zo goed als op de helft. Ik heb gemerkt dat ik erg bezig ben met ‘De Helft’. De eerste maand ben je alles aan het leren en heb je nog zeeën van tijd. Maar als ‘De Helft’ nadert, dan ga je toch nadenken over de tijd, en zeker ook de afstand, die nog resteert. Gaan we het halen in de resterende tijd? Blijft het zo goed gaan met z’n tweetjes? Blijft mijn lichaam zonder blessures? En actueler… gebeuren er in Nederland geen onverwachte dingen waardoor we moeten afbreken?

Waar ik ook wel af en toe eens naar verlang… Niet iedere dag weer een overnachting hoeven regelen, maar gewoon voor langere tijd weten waar je slaapt. Tot nu toe kunnen we bijna altijd terecht waar we willen, gelukkig. Maar het blijft iedere dag wel een onrustig moment als je gaat bellen voor een nieuwe adres en ’s middags maar weer zien waar je slaapt. 

De Helft die is er bijna en dan kunnen we toch de kilometers gaan aftellen. Dat geeft ook wel weer een fijn gevoel. Dan is Santiago dichterbij dan Sassenheim en heeft het geen zin meer om terug te lopen. 

Stad uit, groen in…

En zo liepen we vanochtend de stad Limoges weer uit. Dat was nog niet gemakkelijk. Vergeleken met de steden die we tot nu toe hadden gehad, Reims, Troyes, was dit echt wel van een andere orde. Maar goed, met veel klimmen en dalen werd het langzaam rustiger en kwamen we uiteindelijk weer in het groen.

Kathedraal van Limoges

De stad uit was het weer als vanouds lekker over rustige wegen en bospaden. We volgden dit keer een iets andere route en dat had wel een nadeel: sommige paden bestonden niet meer. Dus iets meer kilometers gelopen dan vooraf was voorzien omdat er soms wat om moesten lopen.

Rond drie uur kwamen we in ‘ons’ dorpje aan. We moesten ons melden bij de Mairie. Daar kregen we de sleutel van een piepklein, maar volledig ingericht pelgrimshuisje met uitzicht op de kerk.

De meest gestelde vraag…

Het was, na ‘hier zwaar is je rugzak, vooraf de meest gestelde vraag: ga je het op één paar schoenen redden? Het antwoord wist ik toen niet, maar nu wel: nee, dat lukt niet.

Vanochtend vertrek uit Saint-Léonard de Noblatin ik n een lichte mist. Onderstaande foto zegt hierover genoeg…

Kort na bovenstaand moment begonnen we te klimmen en was de mist al gauw verdwenen. Wat restte was een strak blauwe lucht en een oplopende temperatuur. De route was de eerste helft best mooi. We liepen over de bovenkant van de heuvels en hadden prachtige uitzichten. Lunch hadden we op een bankje in de schaduw van een wel hele dikke boom.

De tweede helft kwamen we in de buurt van Limoges, een erg grote stad waar we een overnachting hebben bij Maison Diocesaine, een voormalig klooster. Een stukje rust in een drukke stad.

Maar om terug te komen op vraag en antwoord, mijn schoenen waren volledig versleten. Vooral de hak, daar vielen de gaten in. Ik moest dus echt nieuwe schoenen. Maar waarom weet ik niet, maar het is erg lastig om een buitensportwinkel te vinden in Frankrijk. En als wandelaar ben je ook beperkt in je bewegingsvrijheid. Dus uiteindelijk heb ik in Limoges een sportwinkel gevonden die gelukkig één model Lowa had. Daarvan wist ik dat zeer qua pasvorm bij mijn voet paste. Na wat ruggespraak met Soellaart buitensport in Haarlem heb ik ze gekocht. Dus komende dagen inlopen en dan afscheid nemen van mijn afgetrapte, versleten Hanwags, met pijn in het ❤️

Van rommelig naar…

Wakker worden in een rommelig huisje van een kunstenares… Overal teksten op de muren, overal ligt wat, beetje smoezelig… We hadden deze unieke plek niet willen missen maar goed dat het voor één nacht was.

Volgens de weersverwachting zouden we de hele dag wat regen krijgen maar toen we vertrokken was het heerlijk weer. Wat bewolkt, niet te heet en droog. We liepen heerlijk door de bossen en het landschap is nog steeds prachtig. Echt het mooiste wat we tot nu toe hebben gehad. Het was op het laatst wel even doorlopen want we zagen in de middag en dreigende lucht aankomen en hoorden al wat gedonder in de verte. Dit keer hadden we geluk, net toen het hard begon te regenen bereikten we onze Refuge Pelerin.

De openingstijden van de winkels is nog steeds een dingetje hier. Als wandelaar heb je niet heel veel bewegingsvrijheid en ben je toch afhankelijk waar je langs komt. En dan is het op zondag al weinig, op maandag als je pech hebt is er ook weinig open en bleek vandaag de Boulanger die we verwachtten ook op dinsdag nog dicht te zijn. Gelukkig hadden we nog wat oud stokbrood in onze tas en dat is dan even héél lekker. In het dorpje waar we onze overnachting hebben (Saint-Leonard de Noblat) is gelukkig wat meer open en hebben we onze voorraden weer aangevuld.

Verder is ons huisje ook top. Een ruime plek voor 10 pelgrims waar we met z’n tweetjes zijn. Mooi ingericht, schoon, keukentje, wasmachine… Helemaal af, zo blij mee. Het ligt naast een oude kerk, met klokken die ieder half uur luiden.

Hoog, hoger, hoogst…

Pfff, dat was flink klimmen vandaag. We hebben het hoogste punt tot nu bereikt, 680 meter.

We waren het dorpje vanochtend nog niet uit of de weg ging al omhoog. Dat beloofde wat. Eerst nog over asfalt, maar later veranderde dat in een bospad. Dat was best lekker want daardoor ook lekker in de schaduw. Hoger en hoger ging het. Maar het was zeker de moeite waard.

Na de beklimming volgden we op advies van onze gastvrouw een andere route, wat korter maar ook veel mooier. Dat advies bleek volledig waar te zijn. Wat een prachtig bospad door de uitlopers van het Centraal Massief.

Na onze laatste rustpauze moesten we nog een stukje klimmen. Dat voelden we goed aan onze benen. Maar gelukkig konden we die later op de middag te rusten leggen. Ons huis voor vandaag is van een kunstenares, beetje chaotisch, we begrijpen haar af en toe niet, maar het komt uit een goed hart.

Nog even een extra die we jullie niet willen onthouden: we hebben zojuist het meest interessante diner van onze hele tocht gehad. Niet alles is geschikt voor deze blog, maar het eindigde met een Frans pelgrimslied gezongen en begeleid op gitaar door onze gastvrouw. Geweldig!

Lekkele soepie

Na een goeie wandeling moet je goed eten. En als alle supermarkten dicht zijn of niet eens in een dorpje zitten moet je wat improviseren.

Maar eerst moest er gewandeld worden natuurlijk. Dus om iets voor zeven de wekker, half acht ontbijt en om iets over acht lopen we naar buiten. Eerst bij de Boulanger langs voor wat baguettes en daarna in de benen. We zitten hier duidelijk in de uitlopers van het Centraal Massief. Veel klimmen en dalen en hoogtes tot een kleine vijfhonderd meter. Voor ons zijn normaal de duinen al hoog, dus het zijn lekkere kuitenbijters hier. Maar mooi is het wel…

Rond half vier zijn we bij ‘Chez Bernie’. Het lijkt een voormalig café te zijn. We worden vriendelijk ontvangen door, naar ik aanneem, Bernie en worden rond geleid. We mogen gebruik maken van de (bedrijfs)keuken en er staan nog wat spullen die we mogen gebruiken. En zoals gezegd, de supermarkten waren dicht dus we hadden alleen baguettes en Nutella bij ons.

En als er dan cup-a-soup in de keuken staat dan heb je in ieder geval een basis. Maar ja, om daar nou je maal mee te doen… We waren er inmiddels ook achter gekomen dat de gasfles voor het gasfornuis leeg was, dus echt koken ging niet. Hoe krijg je macaroni gaar zonder te kunnen koken?Nou, proefondervindelijk blijkt dat als je er twee maal gekookt water overheen giet het na enige tijd best gaar is. Dus de macaroni kon ook door de soep. En dan stond er nog een blik linzen. Die hoefde niet gekookt te worden, die warmde zo wel op in de soep. Wat sneetjes stokbrood erbij en ik kan jullie vertellen dat er een zeer voedzame maaltijd hadden. In ‘Huize Van Vliet’ wordt zoiets een Lekkele Soepie genoemd… En dat was het’

Hieperdepiep…

Dat ik op de Camino jarig zou zijn wist ik wel maar altijd was daar de vraag: waar zijn we dan…? Vandaag wist ik het antwoord… In Crozant werd ik wakker en in La Souterraine ga ik slapen.

Voor wat betreft het wandelen was het een dag als alle anderen. Om acht uur vertrokken we, in de hoop dat we droog zouden overkomen. (spoiler: dat is niet gelukt) We gingen direct het bos in en wat gisteren toen we aankwamen nog een klein stroompje was, was door de flinke regenbui van gisteravond en flinke stroom geworden. Maar zo door de bossen, met een mooi breed pad was het heerlijk wandelen.

Het was bij ons aanmerkelijk afgekoeld, graadje of 23, en daardoor heerlijk wandelweer. De kilometers vlogen voorbij. Onderweg kwamen we ook nog een Schotse pelgrim met een ezel tegen. Ze liep vanaf Santiago terug naar Schotland, mèt ezel dus. Voor haar was het thuiskomen erg belangrijk.

Onderweg bij de Boulanger nog een lekker gebakje gescoord, we hadden tenslotte iets te vieren, en op naar La Souterraine. Net voordat we er waren besloten ze boven dat de sluizen wel even open gezet konden worden. En zo kwamen we dus als twee totaal doorweekte pelgrims aan bij onze Gite. Na een douche een even de kleren wassen waren we alles al weer gauw vergeten.

Wat deze dag trouwens wel anders maakte dan de andere dagen was de continue ‘ping’ van mijn mobiel. Het was duidelijk: in Nederland waren jullie mijn verjaardag niet vergeten. Video-boodschap om 0.03 uur (lagen we te slapen) en veel, heel veel tekstberichtjes. Dank jullie wel daarvoor allemaal 🙏🙏🙏

Na zonneschijn komt regen

Het aantal kilometers dat we op een dag lopen wisselt af en toe wat. Dat heeft soms twee maken met rust of lekker doorgaan maar vaak ook met de beschikbaarheid van overnachtingsadressen. Soms moet je even een kortere etappe plannen om daarna weer een paar etappes je ‘normale’ afstanden te kunnen lopen.

Zo ook vandaag, we hebben 16 mooie kilometers gelopen en zitten nu in een ruim, voor zes personen, gemeentelijk pelgrimshuis. Ruim, oud, maar met douches en een keukentje. En omdat we hier met z’n tweetjes zijn hebben we genoeg ruimte.

Het landschap begint wel weer te veranderen, het wordt heuvelachtiger en groener. Meer hoogteverschillen een vooral ook wat stijlere beklimmingen en afdalingen. Conditioneel wel pittig, maar ook wel lekker om te doen.

Het voordeel van de kortere etappe was dat we bijtijds op ons adresje waren. Geen overbodige luxe gezien de regen en het knetterende onweer dat laat in de middag en avond viel.

Virtuele ontmoetingen

Vandaag stond in het teken van ontmoetingen, geen echte ontmoetingen van mens tot mens, maar toch…

Vandaag stond er een relatief korte etappe van 21 kilometer op de planning van Cluis naar Cuzion. Op zich niet een heel bijzondere etappe ware het niet dat onderweg en eerste ‘ontmoeting’ plaats vindt. Om half negen trokken we de deur van ons pelgrimshuisje achter ons dicht, sleutel weer onder de steen gelegd en gaan. Al vrij snel passeerden we een viaduct van tientallen meters hoog. Mooi om te zien en overheen te lopen. Het landschap begint langzaam wat meer hoogteverschillen te kennen, dus af en toe pittig klimmen en dalen.

Iets over de helft van de etappe vond de eerste virtuele ontmoeting plaats. In het plaatsje Gargilesse komen de Noord- (via Bourges) en de Zuidroute (via Nevers) van de Via Lemovicensis weer samen. Wij hebben de zuidelijke route gevolgd en vonden die erg mooi.

Na een laatste stuk brood liepen we de laatste kilometers klimmend, dalend, zwetend, puffend en hijgend naar ons huisje. Een mooi ingericht huisje van alle gemakken voorzien. Lekker het rijk alleen en op het gemakje relaxen in de tuin.

En die tweede ontmoeting dan? Die kwam uit onverwachte hoek via de mail van onze CaminoVlietjes… Onderweg ligt er in bijna ieder pelgrimshuis wel een Livre d’Or, een boekje waarin je kort schrijft hoe het was, naam en bv website. Daarnaast ontmoet je onderweg pelgrims en hospitalero’s (ik noem ze hier altijd de gastouders), en wordt er ook best over andere pelgrims die er geweest zijn gesproken. Zo wordt er over ons vaak als ‘de vader en zoon’ gesproken…

En zo kregen we vandaag dus een mail van een Nederlandse mede-pelgrim die onze namen al een paar keer hadden gezien in de boekjes. Wij liepen meestal één of twee dagen voor hen en zo hebben we elkaar dus nooit ontmoet. Wel hebben we allebei bij het Nederlandse ‘Nos Repos’ gelogeerd en daar stond in het gastenboek onze website. Zo kom je dus in contact met elkaar, gaan verhalen van pelgrims de ronde, heb je het gevoel dat je iemand al kent zonder ze ooit ontmoet te hebben.

De afstanden op de Camino zijn groot, maar soms is het een klein wereldje.

Doorknallen

Na de zo gezellige avond bij Marian en Huub moesten we vanochtend toch wel met pijn in ons hart afscheid nemen. Wat was het fijn om daar te zijn en om hun Camino-verhalen te horen. Iets later dan gepland (half negen) bracht Huub ons weer naar Lacs en begonnen we op het kerkpleintje waar we gisteren waren geëindigd.

Het was inmiddels al 19 graden en de temperatuur zou gauw gaan oplopen. En onze overnachting stond bijna 30 kilometer verder in Cluis gepland. Dat werd dus doorknallen in de warmte van Frankrijk. Maar met ruim drie liter water moest dat lukken… Toch?

Om half twaalf hadden we onze eerste tussenstop, een mooi dorpje met kasteel.

Nadat de vliegjes ons een beetje hadden weggepest gingen we door, heuvel op, heuvel af, schaduw in, schaduw uit. De watervoorraad leek wel te verdampen en een kilometer of drie voor Cluis was alles op. En dan zorgt een pittige beklimming voor een erg droge mond.

Gelukkig vonden we ons pelgrimshuisje gemakkelijk. Er hing een briefje op de deur dat de sleutel onder een steentje lag, wat klopte. We konden dus gauw naar binnen en de kraan zo ongeveer leeg drinken. Vanavond bijtijds naar bed, morgen een wat kortere etappe.

Zo, deze blog staat er weer bijtijds. Krijg ik geen verontrustende waar de blog blijft en of alles wel goed met ons gaat 😃😃

Een warme ontvangst

Voor alle ongeruste lezers die gisteravond dachten waar de blog bleef… We hadden een te gezellige avond en geen internet dus bij deze alsnog het verslag van gisteren.

Zo slaap je in een koude tent en zo krijg je de warmste en meest spontane ontvangst bij mensen thuis…

Na een koude nacht in de tent was het vanochtend al vroeg weer dag. Om zeven uur ontbijt en rond achten vertrokken we richting Lacs, een wandeling van ongeveer 27 kilometer. Onze gastheer Guy wist een kleine omweg die zeker de moeite waard zou zijn. Dat hebben we gedaan maar het uitkijkpunt viel tegen en die extra kilometer die we extra moesten lopen bleek aan het eind wel zwaar te zijn in de hitte. 

Dus via jawel, ChateauMeillant, liepen we naar Néret en vandaar door naar Lacs. Op zich best een mooie route maar met de volle zon op je hoofd, 29 graden in de schaduw en weinig wind is het best pittig. Maar goed, we hebben het gehaald. 

De plek waar we gingen overnachten was een zeer onverwachte, althans, de wijze waarop deze tot stand was gekomen. Een spontane ontmoeting in Orval op zondag met een Nederlands stel eindigde in een uitnodiging om bij hen te komen slapen. Daarvoor werden we zelfs opgehaald in Lacs. En wat hebben we genoten van de gezellige gesprekken, het heerlijke eten en, ja gewoon alles. Helemaal top! Marian en Huub: duizend maal dank voor jullie gastvrije ontvangst. Het was fantastisch. 🙏🙏🙏

Il n’est pas de vacance!

Een pelgrimstocht is geen vakantie, maar soms…

Meestal regel ik de overnachting één of maximaal twee dagen van te voren. Liefst per Whatsapp of mail, maar vaak reageren ze daar niet op en moet ik gaan bellen. Nou lukt het vragen om een bed nog wel en de verwachte vragen als ‘eten jullie mee’ herken ik ook wel. De melding dat we geen vlees en vis eten geeft soms wat vragen maar is ook nog overkomenlijk. Kortom, ook het bellen in het Frans gaat redelijk. Tot gisteren, toen ik voor onze huidige overnachting belde. Ze begon over een tent, maar ja, die hebben we niet meer. Een heel verhaal wat ik niet zoveel van begreep. Gelukkig was haar dochter erbij die een beetje Engels sprak. De kamers waren allemaal vol, maar ze zouden een tent in de tuin zetten. Nou, met dit weer is dat prima.

Dus vanochtend vertrokken we na een goede nachtrust vanuit Bouzais naar Le-Chatelet-en-Berry. Temperatuur en omgeving waren prima en het lichaam ook. De omgeving was er afwisselend bos en open vlakte, maar nooit saai eigenlijk.

Het voordeel van vroeg vertrekken is dat je al gauw op de helft bent en een lekker plekje voor de (eerste) lunch kan zoeken. Die vonden er in een leuk dorpje bij de kerk. Tip 1 bij de kerk staat altijd een bankje. Tip 2 die we twee dagen geleden kregen: bij een begraafplaats is altijd een kraantje. En die komen we, zoals jullie weten, veel tegen.

Na de lunch verder, het werd langzaam warmer maar gelukkig liepen we veel in het bos. Af en toe een watervalletje en soms nieuwsgierig bekeken door een paar loeiende dames in de wei.

Onderweg hadden we het nog over ons overnachtingsadres. Benieuwd wat het zou zijn, eigenlijk niet al te hoge verwachtingen. Nog even stukje omgelopen voor wat boodschapjes en toen door. Inmiddels was het zo’n 29 graden geworden, dus na 25 km was het ook wel mooi voor vandaag. Onze gastouders stonden al in de tuin en brachten ons meteen naar de tent. Maar de tuin werd niet alleen gevuld door de forse tent… Maar ook door een heel groot zwembad! De tent hadden we gauw bekeken… Maar ehhh, mogen we ook gebruik maken van het zwembad????? Bien sur! Dus binnen vijf minuten lagen deze bezwete, vermoeide, oververhitte pelgrims in het zwembad te dobberen. Kijk, dat afzien voor pelgrims is leuk natuurlijk, maar een beetje vakantiegevoel kwam nu toch wel ernstig boven. Of, zoals één van onze Nederlandse hospitalero’s zei: ‘Il n’est pas de vacance’… Maar een strafexpeditie hoeft het ook niet te worden.

Canal de Berry (deel 3)

We komen er maar niet vanaf, maar het is ook geen straf: lopen langs het Canal de Berry. Voor de derde dag op rij volgen we dit kanaal. Op sommige stukken droog gevallen, maar soms ook nog vol met water. Het jaagpad dat we volgen is soms een strak geasfalteerd fietspad, soms een kort gemaaid grasje en soms gras van een meter hoog. Al met al dus helemaal geen straf om hier te lopen.

En net als in Nederland, misschien nog wel meer dan in Nederland, is het hier in Frankrijk op zondagochtend heerlijk rustig. Boulanger is open, verder weinig verkeer en dus heerlijke wandelomstandigheden. En als je dan niet veel op de stickertjes met de wegenwijzering hoeft te letten schiet het lekker op. De 23 kilometer vlogen om een bijtijds kwamen we bij ons volgende adresje in Bouzais aan. Een knus pelgrimshuisje van dezelfde organisatie als de vorige. Maar in tegenstelling tot gisteren en veel dagen hiervoor werd de warmte hier eind van de middag verdreven door een knetterend onweer. Heerlijk, je zou er bijna in gaan dansen.

En wat deze dag, wat deze Camino, zo speciaal maakt… Lopend door Orval horen we ineens een ‘Bon Camino’ achter ons. Een echtpaar spreekt ons aan en het blijken Nederlanders te zijn. Ze hebben ervaring met de Camino en bieden ons spontaan en slaapplek aan. Ze wonen wat verder weg, maar we kunnen het met elkaar zo regelen dat het voor dinsdag lukt. Hoe mooi is dat!

Een mooie mijlpaal.

Al doende leert men… Dus wij ook 😃 Zo was het lekkere ontbijt dat we kregen om zeven uur, en even voor acht uur liepen we weg. En om er nog maar een wijsheid in te gooien: als je je druk maakt als je het rustig hebt, kun je rustig aan doen als je het druk hebt.

Dus in de koelte van de ochtend hebben we ruim dertien kilometer gelopen om daarna een wat uitgebreidere lunchpauze te nemen. En de laagste acht kilometer konden we wat rustiger aan doen. Sterker nog, we kwamen om half drie al aan in het dorpje maar konden pas om vier uur in het pelgrimshuisje, dus we hebben op een picknickplek net buiten het dorpje lekker relaxt in de schaduw. Heerlijk zo op het warmst van de dag.

We hebben, net als gisteren, heerlijk langs het kanaal ‘Berry’ gelopen. Met dit verschil dat we nu grotendeels in de schaduw liepen. Wat verder nog opviel was dat grote stukken van het kanaal volledig droog waren gevallen. Of dit bewust is gedaan weten we niet, maar het ziet er wel bijzonder uit.

Het pelgrimshuisje waar we vandaag zijn wordt gerund door een Franse organisatie die er voor zorgt dat er voldoende huisjes voor pelgrims beschikbaar zijn op de route. Er zijn vrijwillgers beschikbaar die de pelgrims ontvangen en een beetje in de watten leggen. De vrijwilligers hebben zelf ervaring met het lopen van de Camino dus ze weten precies wat een pelgrim behoefte aan heeft: douche, eten, wasmachine en een lekker bed. En dat hebben ze hier precies allemaal. Fantastisch!

Als laatste mag een belangrijke mijlpaal niet onvermeld blijven: we hebben vandaag de 1000 kilometer-grens bereikt.

Het wordt warmer…

Omdat we vandaag wat minder ver hoefden te lopen, rond de achttien kilometer, gingen we niet zo heel vroeg weg. Daar kregen we later op de dag toch wel spijt van hoor.

Om iets over negen gingen we bij het château weg. Na wat asfalt ging het al gauw over in bospad. Prima begaanbaar en heerlijk onder de bomen. Niks aan doen zou je zeggen. Het pad veranderde daarna in een graspad met gras van minimaal een meter hoog. En zo lopend langs het water is dat toch wel listig. Één stap teveel naar links en het is plons. Gelukkig ging het allemaal goed, maar het was best zwaar lopen. In het dorpje waar we doorheen kwamen hebben we wat boodschappen gedaan en wat gegeten in daarna onze weg te vervolgen.

Rechts af het pad op, nog even onder de bomen maar daarna kilometers lang langs het water in de volle zon.

Die warmte werd nog wat meer toen we van het graspad kwamen en over het asfalt door moesten. Maar toen hoefden we niet meer zo ver en kwamen we toch nog bijtijds aan bij ons volgende onderkomen. Pelgrimsherberg ‘Nos Repos’, gerund door vrijwilligers. Gastvrije ontvangst, leuke herberg, mooie tuin eromheen en heerlijk gegeten.

En wat hebben we vandaag geleerd… Ook al loop je een kortere etappe, toch bijtijds gaan lopen bij warm weer.

Château van Vliet

Zo zit je in een klooster en zo zit je in een château… Je maakt wat mee op de Camino.

Het ontbijt hebben we vanochtend al vroeg genuttigd vanwege de verwachte warme dag. En met 25 kilometer voor de boeg wilden we niet tot heel laat lopen. Dus even na acht uur zeiden we St Bernadette vaarwel en vertrokken we richting de rivier de Loire. Deze rivier zou een deel van de dag onze gids zijn. Soms er vlak langs, soms met wat bomen ertussen, ze was nooit ver weg. We zijn de Loire zelfs een keer overgestoken met aan onze linkerzijde een kanaal. Best bijzonder.

Ergens in de middag namen we afscheid en bogen we af. Wat ons restte was een lange rechte weg van een kilometer of negen die ons naar ons château bracht. Vol verwachting klopte ons hart natuurlijk. Helaas werden we naar een klein huisje gebracht met uitzicht op het château. Daar moesten we het mee doen. Ruim? Dat zeker. Oud en wat krakkemikkig? Ook zeker! Maar verder prima plekje na een prima wandeldag.